Archive for the ‘Cake’ Category

Chococupcakes

20 januari 2013

Eerlijk gezegd snap ik de cupcakerage niet. Meestal smaken ze commercieel naar karton, in het beste geval zijn ze in elk geval nog plakkerig en niet zo droog als echt karton, maar om nou te zeggen dat het een lekkere basis is? En dan daarop leuke versiersels. Ik ben dol op geknutsel (spelen met eten!), maar dit gaat dan om hoe het eruit ziet en helemaal niet om hoe het smaakt. Kortom: leuk zolang je aan het fröbelen bent maar erg jammer als je aan eten toe bent.

Gelukkig kun je er ook heel leuke dingen mee doen en variëren met het beslag én met wat er op gaat. Gisteren kreeg ik een uitnodiging voor een cupcakeparty waarvan ik verwacht dat we er heel spannende baksels gaan maken en in een moeite door kreeg ik ’s avonds ook de geest daarbij. Op zoek naar een geschikte vorm voor een klein chocotaartje met naast-cheesecake-gelegen contrasterende smaaksensaties (klodders klinkt niet zo lekker), besloot ik allemaal losse cakejes te maken met elk hun eigen dotje.

Chocoladecake maak ik altijd met chocola (lijkt logischer dan het is). Bij deze heb ik om het niet al te zwaar te maken geen boter gebruikt, maar wel het geheime ingrediënt: een bakje sojavla. Elk cakeje heeft een dotje witte-chocoladecheesecake in het midden, meegebakken. Daar wordt het een beetje stevig van. Het mengsel blijkt ook erg geschikt als dik glazuur, dus dat hebben we dan ook meteen uitgevonden.

De helft heb ik bestrooid met pistachenootjes. De andere helft niet, zodat wanneer de boel aan zou branden, niet alles mislukt was – gelukkig gaat dat heel goed zo.

Zachte chocoladecake bak je traditioneel au bain marie, maar ik heb geen braadslee waar een hele muffinvorm in past. Dus heb ik onderin de oven een ovenschaal met kokend water gezet, dat zorgt er in elk geval voor dat de cakejes niet uitdrogen.

En het werkt! Het helpt natuurlijk dat het chocola is, maar ik eet echt niet vaak zulke lekkere cupcakes. Zelfs andere-dan-cupcakes zijn de eerste keer uit de losse pols meestal niet zo lekker. Niks meer aan doen!

chococupcakes met nootjes

Ongewone ingrediënten

17 augustus 2012

Het leuke aan recepten van anderen vind ik dat je nog eens op een idee komt. Of dat het net het zetje kan zijn om iets uit te proberen wat onwaarschijnlijk of gewoon vies lijkt als je het zelf bedenkt. Van allebei heb ik afgelopen weken een voorval aan de hand gehad.

De eerste was een recept uit delicious., het nummer uit mei of juni denk ik. Het heette amarettotaart te zijn. De bodem is dan ook gemaakt van amaretti (die mierzoete maar o zo lekkere, knapperig-luchtige koekjes die zelfs als er amper een amandel aan te pas komt nog geschikt zijn om je gasten voor te zetten, hoewel ik de volgende keer beter ga lezen en alleen die met echte amandelen koop, gewoon uit principe) en in de vulling gaat wat amaretto, de likeur. Vrij eenvoudig recept dat ook niet te veel afwas oplevert: bodem van verkruimelde koekjes met gesmolten boter even bakken en dan de vulling erin. En daar komt het. Want die vulling, die vooral uit melk bestaat, met dus amaretto en koffie, moet natuurlijk gebonden worden. Melktaart bestaat ook wel, maar het is hier niet de bedoeling dat alles er weer uitloopt. En dat binden, dat gaat in dit recept met marshmellows. Je leest het goed, van die suikerige spekjes die aan een stokje boven een kampvuur horen.

Toen ik dat las werd ik blij: eindelijk een manier om iets te doen met het zakje vanillamellows dat ik al een hele tijd had liggen voor een feestje dat niet doorging. Het was precies genoeg, en ze waren nog wit ook. Roze levert waarschijnlijk een heel bijzonder taartje op, ik denk niet dat ik dat had aangedurfd. De bindingskracht zit ‘m in de gelatine. Normaal gesproken zou ik dat niet doen, want ik bak liever vegetarisch, maar omdat ik ze nu toch al in huis had…

En: het werkt perfect. Heerlijke vulling, al was het meer koffie dan amaretto. Nu nog op zoek naar mellows zonder gelatine, en als die het ook zo goed doen mag dit recept zeker blijven.

Amarettotaart die naar koffie smaakt

En dan ging er ook nog slagroom overheen, met geschaafde amandeltjes en chocola!

Het tweede recept hing in de lucht. Mijn zus schreef me dat ze brownies met kidneybonen had uitgeprobeerd maar dat ze het niet zo’n succes vond. Leek me ook niet erg geslaagd. Einde verhaal. Totdat een goede vriendin er drie weken later spontaan ook over begon. Zij had een recept gezien in een boekje van Antoinette Hertsenberg. Nog niet zelf uitgeprobeerd, maar zoiets prikkelt me wel. Zou het dan toch? Is het mogelijk om daar iets lekkers van te maken? Hoewel ik inmiddels wel weet dat veganistisch bakken niet per definitie grijs, grauw en muf betekent, had ik hier toch nog wat reserves bij. Maar ik was nieuwsgierig genoeg geworden om het te proberen. Bovendien zijn ze glutenvrij, net als de amarettotaart. Als het lekker blijkt, zou dat nog een toevoeging aan mijn repertoire dieetbaksels zijn.

In het boekje staat dat ze smeuïg zijn, tussen fudge en taart in. Zoiets neem ik ter kennisgeving aan, want wie schrijft er nou over zijn eigen brownies dat ze keihard zijn en niet te eten?

Aan de slag dus. Met pure chocola, dat mag want dat is veganistisch. Santen in plaats van boter, en gekookte kidneybonen in plaats van bloem. Ik kook ze zelf, omdat ik uit een blikje te zout vind. En verder was het een heel klassiek brownierecept: smelt wat er te smelten valt en roer alles door elkaar. Er gaan alleen geen eieren in. Maar afgekoelde santen en chocola zouden genoeg stevigheid moeten kunnen geven, lijkt mij.

Resultaat: de smaak is goed. Het smaakt naar brownie, of iets chocoladeachtigs zo je wilt. De bonen vallen niet op en de lichte kokossmaak die de santen toevoegt vind ik veel lekkerder dan ik had verwacht. Alleen: hij brokkelt uit elkaar. En zelfs een flinke kruimel krijg je niet fatsoenlijk in je mond want die wordt heel snel een heleboel kleintjes. En dan kijk ik toch met een schuin oog terug. Smeuïg? Droog is het gek genoeg niet, dat is waar. Maar als ik smeuïg lees verwacht ik ook een bepaalde mate van plakkerigheid, in elk geval zo dat je er stukjes van kunt snijden.

Dat vraagt dus om nog een keer maken, maar dan korter bakken, of een kleinere vorm gebruiken zodat het midden hopelijk plakkeriger blijft. Deze eersteling wilde ik in eerste instantie gebruiken om een kruimelbodem à la hierboven te maken, waarbij ik dan de tweede helft van het pakje santen zou smelten om de kruimels aan elkaar te plakken. Maar na een nachtje in de koelkast bleek de cake verder opgestijfd. Harder geworden ook, van smeuïg is geen sprake meer. Maar zolang je het echte chocoladecake noemt in plaats van brownie, is dat geen enkel probleem.

brownie

Marshmellows en kidneybonen dus. Ik had niet gedacht dat ik dat ooit in een baksel zou verwerken. Maar met deze resultaten ben ik toch blij dat ik aan een lichte vorm van experimenteerdrift lijd.

Appelcake

9 december 2011

Ik vind appels-om-zo-te-eten erg lekker, maar alleen als ze knapperig en een beetje zuur zijn. Zacht en zoet, dan doe ik er liever iets anders mee. Dus ook als in aanleg lekkere appels te lang liggen en te rijp worden, verzin ik er een baksel omheen. Deze cake is alweer op, maar ik vond het ook zowat om met Sinterklaas niet over speculaas maar over appels te schrijven. Daarom nu pas dus.

Het ging om drie niet al te grote appels die nog op de fruitschaal lagen, en dat is niet genoeg voor een fatsoenlijke appeltaart. Dus appelcake. Met stiekem toch een sinterklaastintje eraan: gemalen amandelen door het beslag en een schepje mixed spice. Een Brits mengsel dat wel wat van speculaaskruiden heeft, alleen in verhouding minder kaneel en mét een flinke hoeveelheid korianderzaad. Mmm!

Nu ik het recept teruglees zie ik dat ik er om het geheel een boost te geven ook nog een scheut citroenlikeur doorheen geroerd heb. En een trucje om de cake niet té nat te laten worden en tegelijkertijd nog wat smaak toe te voegen: de stukjes appel eerst even bakken in een klontje boter en dan pas door het beslag roeren. Dan hebben ze zo’n lekker gekaramelliseerd jasje aan, binnen in de cake.

Vrij eenvoudig recept uiteindelijk, maar heel geslaagd. Een foto in close-up:

Appelcake

Kastanjecake met amandeltopping

15 oktober 2011

In twee dagen tijd kan zich in je hoofd een heel concept van een taart vormen, en al denkend over het recept kristalliseert het dan langzaam uit. Maar hoe gaat dat nu eigenlijk? De eerste stap bij dit nieuwe probeersel was: een zachte cake. De optie van een droger baksel met een laagje kastanjepuree erop viel al snel af, omdat de puree ongezoet is. En omdat ik niet van droge taarten houd:) Met puree door het beslag heb je al eenvoudig een beetje natte cake te pakken. ‘Maar dan is het ook leuk als er bovenop een steviger laag zit, als contrast’. Zo gedacht, zo bedacht. Een karamellaagje met daarin de amandelen uit het aangebroken zakje in de kast.

Als er een zoete laag op zit, moet de cake zelf iets minder zoet zijn. Juist het verschil maakt het interessant. Dus, iets minder suiker dan in een standaard cakebeslag. En ik heb ‘m liever niet al te zwaar, dus ook geen boter. Wel crème fraîche, daar wordt de textuur nog smeuïger van. Is alleen kastanje genoeg om smaak te geven aan een hele cake? Ik denk het niet. Mixed spice erdoorheen, omdat het zo goed bij de tijd van het jaar past. En dan misschien nog iets om het te verdiepen? Chocola of cacao passeerden nog even, maar dat vond ik minder geschikt. Of ik had er gewoon geen zin in, kan ook. Uiteindelijk werd het een vleugje koffie.

Hoe maak je zo’n karamellaag? Met de tarte tatinvorm! Het is natuurlijk de vraag of zo’n cake daar ook goed uitkomt, ook al de mijne geloof ik wel anti-aanbak. Maar een beetje spanning moet er blijven;)

Dat was de theorie.

De praktijk ging voortvarend van start: amandelen roosteren, af laten koelen en grof hakken. Boter en suiker laten smelten in de vorm. Ik heb het niet al tot een karamel laten komen, omdat ik verwachtte (hoopte?) dat dat tijdens het bakken nog wel zou gebeuren. Dus eigenlijk alleen boter smelten en de suiker erdoorheen roeren. Amandelen erdoor, beslag van alle andere ingrediënten erop en bakken maar. Voor de zekerheid heb ik een foto gemaakt van het amandellaagje in de verder lege vorm, en een toen de cake gebakken was, voor het geval het storten helemaal mis zou gaan.

amandellaagje

 

 

 

 

 

Door de kastanjepuree kleurt de cake veel donkerder, en vooral door de ovenruit heen leek het ineens bijna zwart. Schrikken! Maar gelukkig, met de deur open zag het er prima uit. Hij was sneller gaar dan ik gedacht had, maar ook niet zo dik, dat zal het zijn.

En toen de grote test: wat gebeurt er als je ‘m omkeert op een bord?

Hij kwam laaaaangzaam los uit de vorm, slippend en bijna lillend (als het niet zo’n vies woord was;)). Niet in het midden, en ook niet helemaal heel, maar wel zo dat het er nog uitzag als een cake. Het suikerlaagje was geen karamel geworden, en bleef gedeeltelijk achter in de vorm daardoor. Niet heet en vloeibaar genoeg. Ik heb het er nu gewoon uitgeschept en over de cake verdeeld. Als ik het een volgende keer wel echt zo wil, beter dus van tevoren al helemaal laten karamelliseren.

Maar, de restjes die achterbleven in de vorm smaken nu ook al goed. Dus misschien laat ik het wel zo. De cake zelf is van buiten droog, maar van binnen nog een beetje zompig en toch gaar, precies zoals de bedoeling was. Hij mag mee uitgedeeld worden.

Kastanjecake met amandeltopping

Wortellimoencake

14 november 2010

Worteltjestaart bevat meestal weinig bloem, en is een beetje cake-achtig, dus wilde ik eens proberen of dat ook glutenvrij zou kunnen. En voor de uitdaging ook maar meteen zonder suiker. Ik verwachtte dat het, net als veel andere worteltaarten, lekker klef zou worden. Eerst een foto van de geraspte wortel, omdat dat zo mooi oranje is.

versgeraspte wortel

Een cakebeslag gemaakt van eieren (dat moet bij glutenvrij anders plakt het niet), honing, limoen, gember, kruidnagel, maizena, bakpoeder en rijstebloem. En daar de wortel doorheen. Dat wordt een zalmroze beslag, zag er interessant uit:

Beslag voor wortellimoencake

Bakken en… grote verrassing wat het resultaat zou zijn. Niet klef en donker, maar stevig met oranje sliertjes. Dat is zo stevig is komt in elk geval voor een deel doordat ik niet alleen gewone rijstebloem had gebruikt, maar ook kleefrijstebloem. Verder was ie niet echt zoet en de kruidnagel overheerste nogal. Best lekker, maar niet echt iets wat je bij ‘cake’ verwacht. Meer iets voor onderweg tijdens een stevige wandeling. Misschien dat ik nog eens ga proberen een ‘echte’ carrotcake zonder bloem te maken. En dan uitgaan van een bestaand goed recept bijvoorbeeld:)

Puntje wortellimoencake

Kweeperen: tarte tatin en cake

14 november 2010

Deze zijn alweer van een tijdje geleden en dus allang op, maar ze waren zo lekker dat ze nog wel een plekje in de fotogalerij verdienen. Tegenwoordig kun je in oktober kweeperen kopen, niet alleen bij obscure winkeltjes en delicatessenzaken, maar zelfs op de markt. En daar moet ik dan natuurlijk vanalles mee doen. Eerst koken, van het kookvocht gelei maken (die overigens een beetje mislukt is, want wel erg dun, maar dat nodigt weer uit tot creatief doen).

De gare peren zelf heb ik verwerkt in een tarte tatin. De eerste taart die ik in mijn nieuw gekregen silver anodised vorm maakte – en hij doet het geweldig:) Ook met simpelweg een recept uit Allerhande (al doen ze daar niet aan kweepeer, maar een recept helemaal volgen vind ik toch veel te lastig). Resultaat:

Kweeperen tarte tatin in vorm

De karamel was er een beetje overheen komen bubbelen, ambachtelijk noemen we dat. Omgekeerd werd het dit:

Kweeperen tarte tatin op bord

En de rest van de kweepeer had ik verstopt in een cake. Suiker en boter erop gedaan, met het idee dat dat dan in de oven een karamellaagje zou worden ook. Dat werkt dus niet, het loopt erlangs. Maar toch heel lekker!

Kweeperencake

Gele kruimelcake

4 augustus 2010

Het leuke van ‘buitenlandse’ winkels is dat ze dingen hebben die je niet kent, waarvan je soms niet eens wist dat het bestond, en dat allemaal gewoon om de hoek. Afgelopen weekend kreeg ik zo een potje ‘we weten niet wat het is maar het is heel zoet’. Het viel mee met het mysterie: tussen alle Arabische letters stond ook nog ‘cedrat jam’. Made in Iran. Cedraat kennen we hier als de soort citroen waar sukade van gemaakt wordt. Volgens mij is dat groen, maar dit was geel. Om preciezer te zijn, bleekgele stukjes op een net zo lichte siroop. En niet een egale gelei, zoals ik eerst dacht. Dat geel betekent misschien wel, dat deze ‘jam’ van het vruchtvlees gemaakt wordt en niet van de schil? Zou best kunnen dat dat allemaal op het potje staat, maar dat kon ik niet ontcijferen.

De smaak was mild citrus, mierzoet, en een vleugje kweepeer. Leek me heel geschikt voor een cake in Midden-Oosterse stijl. Als basis polenta, daar wordt ‘ie mooi geel van. Met voor de smaak wat gemalen amandelen, snufje kaneel en een lepel rozenwater (die laatste twee proefde ik overigens niet terug, dat mag de volgende keer wat meer – maar ze moeten ook niet te erg opvallen). En voor de structuur een bakje volvette Turkse yoghurt erdoor. Stukjes cedraat erover en bakken maar. Het geheim van de smid: geen suiker erin, maar direct uit de oven de siroop uit het potje erover gieten. Dan wordt het zo’n echt plakkerige Arabische cake. Hoewel originele recepten vaak en en doen: suiker in het beslag én siroop erover gieten. Maar dat vind ik teveel van het goede.

Polenta-siroopcake met stukjes cedraat

Door het sirooplaagje gaat de cake glimmen, en is hij een stuk minder droog. De polenta kan een heleboel vocht opnemen. Ondanks de yoghurt is het namelijk toch nog een behoorlijk kruimelige cake. Maar je kunt hem wel netjes genoeg aansnijden om uit te delen.

Aangesneden polentacake

Een volgende keer mag er wel wat citroen in – de cedraat en vooral de siroop is toch in de eerste plaats zoet en pas daarna citrus.